I
n
naam van Allah,
de Enige Ware God,
De Oneindig Barmhartige,
de Oneindig Genadige
van de Ahle Soenna
Hoezoer Moballighe Azam
Hazrat Allama Mawlana Alhaadj
Muhammad Abdul Aleem Siddiqi Qadri
Madani B.A. L.L.B. (rah’matoellaahi alaihi)
Een uitgave van:
de Surinaamse Moeslim Associatie
Uitgegeven ter gelegenheid van
het 49 jarig overlijden van de Grote Missionaris
Samensteller:
M.I. Soebhan
Druk, lay-out en vormgeving:
S.M.A.-Printing
Verkrijgbaar:
Secretariaat S.M.A.
Kankantriestraat 32-40
Paramaribo
Tel.: 403467 – P.O.B.: 9067
Paramaribo,
Alle lof zij aan Allah Ta Ala, de Heer der werelden. Vrede en zegeningen van Allah Ta Ala zij met Zijn laatste profeet en boodschapper, Hazrat Moehammad Moestafa, zijn nako-melingen, huisgenoten en volgelingen tot de Laatste Dag. Moge Allah Ta Ala ons beschermen tegen de verleidingen van Satan, de vervloekte. In naam van Allah, de Enige Ware God, de Oneindig Barmhartige, de Oneindig Genadige. Vrede, barmhartigheid en zegeningen van Allah Ta Ala zij met degenen, die de waarheid volgen.
Allah Ta Ala heeft de mens tal van gunsten geschonken. Een grote weldaad, die onze Heer ons heeft bewezen is het zenden van Zijn geliefde profeten en boodschappers om ons te leiden naar gerechtigheid en waarheid en om ons te redden van dwaling en valsheid. Na het einde van het profeetschap met de komst van Hazrat Moehammad Moestafa (sallallaa-hoe alaihi wa sallam), de Leider van alle Profeten, zou de mens verstoken blijven van deze gunst.
Allah Ta Ala begunstigde de gemeente van Rasoeloellaah (sallallaahoe alaihi wa sallam) daarop met geleerden. Dezen kregen de zware taak op hun schouders om de mensen naar waarheid en gerechtigheid te leiden en hen te redden van valsheid en dwaling.
Wij lezen in de hadies het volgende over geleerden.
“De geleerden van mijn gemeente zijn als de profeten van het volk van Israël.”
Dat betekent, dat de geleerden van deze gemeente belast zijn met de taak die de profeten van Israël was toebedeeld. Na het heengaan van een profeet in het volk van Israël kwam er een andere profeet van Allah Ta Ala om dat volk te leiden. Rasoeloellaah (sallallaahoe alaihi wa sallam) is de laatste profeet van Allah Ta Ala. Er wordt na hem geen profeet meer geboren. Zijn gemeente wordt nu geleid door de oprechte geleerden van de islam. Door de eeuwen heen heeft de islam talrijke geleerden gekend.
De Grote Missionaris
Een van deze geleerden was Hoezoer Moballighe Azam Hazrat Allama Mawlana Muhammad Abdul Aleem Siddiqi Qadri Madani B.A. L.L.B. (rah’matoellaahi alaihi), die Suriname in het jaar 1950 met een bezoek vereerde.
Hoezoer Moballighe Azam oftewel de Grote Missionaris is voor de ahle soenna in Suriname in het algemeen en voor de Surinaamse Moeslim Associatie in het bijzonder een zeer belangrijk persoon. Hij bezocht ons land juist in een tijd waarin het qadianisme bezig was hier een belangrijke plaats onder de moeslims te veroveren.
De Surinaamse voorgangers stelden uiteraard alles in het werk om de moeslims alert te houden tegen de valsheden en nieuwe ideeën van het qadianisme, maar desondanks kon er geen scheidingslijn getrokken worden tussen de ware islam en deze sekte.
De moeslims dachten dat er twee groepen van moeslims bestonden t.w. de ahle soenna en de ahmadia’s. Het drong niet tot hen door, dat de ahmadiabeweging door haar valse geloofsopvattingen ten aanzien van de stichter Mirza buiten de grenzen van de islam was getreden. De toonaangevende djamaa’at in Paramaribo, de Anjuman Hidayat Islam, was bijna de prooi geworden van het qadianisme, toen de Grote Missionaris als de reddende engel kwam opdagen en de opmars van deze valse sekte een halt toeriep.
Hazrat Allama Mawlana Shah Muhammad Abdul Aleem Siddiqi Qadri Madani
B.A. L.L.B. (rahmatoellaahi ta ala alaihi), die in 1950 de basis legde voor de oprichting van de S.M.A.
De Surinaamse voorgangers kregen versterking. De Grote Missionaris bleef echter zeer kort in Suriname. Maar die korte tijd was voor hem genoeg om in te zien, dat de ahle soenna in ons land te verdeeld was om het tegen de invloedrijke qadiani’s op te nemen. Hij deed het voorstel om een te worden en samen te bundelen.
De basis voor het oprichten van een grote djamaa’at
De letterlijke woorden van de Grote Missionaris luidden:
“You should unite and establish one Surinam Muslim Association.”
Naast de Anjuman Hidayat Islam, de oorspronkelijke djamaa’at, waren er nog twee groepen van de ahle soenna in Paramaribo t.w. de Khilafat Anjuman en de Anjuman Aqaidul Islam. De beide laatstgenoemde groepen waren na een afsplitsing uit de eerstgenoemde djamaa’at ontstaan en waren bezig elkaar te bekampen, terwijl de qadiana’s gretig gebruik maakten van deze onenigheid van de ahle soenna.
Het voorstel van de Grote Missionaris werd door alle drie groepen aanvaard. De leiders van alle drie groepen beloofden eenwording en zodoende werd de basis gelegd voor de oprichting van een grote djamaa’at voor alle soennieten in Paramaribo en omgevingen.
Deze grote djamaa’at werd conform het advies van de Grote Missionaris de Surinaamse Moeslim Associatie genoemd. Alle krachten van de ahle soenna in Suriname waren verzameld. Er werd één bestuur gevormd met componenten uit alle drie groepen. Alle kennis en bezittingen waren samengebracht. Alle soennieten behoorden tot één grote djamaa’at, conform de regels van de Qoer’aan en soenna. Er heerstte eenheid, eensgezindheid en broederschap onder de soennitische moeslim gemeenschap in Suriname.
Wederom noodzaak tot eenwording
Het is nu bijna 50 jaar geleden, dat de Grote Missionaris van ons heenging en in Madiena Tay’yiba ter ruste ligt. Jammer genoeg werd door de decennia heen het algemeen ahle soenna belang vergeten. Prioriteit aan persoonlijke belangen dreef sommige moeslims wederom tot verdeeldheid. Het advies van Hoezoer Moballighe Azam geraakte bij sommige groepen in het vergeetboek.
In deze tijd hebben wij in ons land behalve het ahmadisme en de tablieghie djamaa’at ook de ahle hadies tegen de ahle soenna. Wij hebben nu meer dan ooit de behoefte aan het verzamelen van alle krachten voor het beschermen van de ahle soenna tegen de opkomende gevaren van deze sekten.
Is het geen noodzaak om nu, ongeveer vijftig jaren na het heengaan van de Grote Missionaris, wederom het advies van deze grote weldoener van de ahle soenna in Suriname te volgen en één te worden?
Geachte broeders imaams en besturen van de verschillende zelfstandige moeslim organisaties in Suriname, wij hebben vandaag de leiding over een kleine groep moeslims in onze handen. Morgen kunnen wij afgezet worden als imaam of bestuurslid. Als dat niet gebeurt, zullen wij onze post toch eens voor iemand anders moeten laten als wij doodgaan.
Laat ons omwille van de ahle soenna in Suriname één worden en het welbehagen van Allah Ta Ala en Zijn geliefde profeet winnen.
Als wij alle krachten bundelen, zullen wij bestand zijn tegen alle machten die tegen de ahle soenna opkomen. Is het niet de grootste plicht voor ons als bestuur en imaam om de ahle soenna in Suriname te verenigen onder één bestuur en één statuut. Moge Allah Ta Ala ons begrip en imaan schenken.
Hoezoer Qaide Ahle Soenna Hazrat Allama Mawlana Hafiz Qari
Shah Ahmad Noorani Siddiqi Qadri, zoon van de Grote Missionaris
(daamat barakaatoehoemoel aaliya)
1892/1310 wordt geboren in Meeruth, mahalla
Mashaaigaan UP, India
1896/1314 doorloopt de cursus voor vaardigheid in het
reciteren van de Qoer’aan Al Kariem
(leermeester was zijn vader Mawlana
Muhammad Abdul Hakeem Siddiqi)
1901/1319 houdt eerste toespraak op negenjarige leeftijd
1908/1326 doorloopt de darse nizamie en behaalt de
graad van mawlana (volledig aalime dien)
1913/1331 doorloopt de Otawa Islamia High School
1914/1332 richt de Muslim Educational Conference op
(een vereniging van islamitische studenten)
1917/1336 behaalt de graad van Bachelor of Arts (BA)
aan de Divisional College Meeruth
1918/1337 behaalt de graad van Bachelor of Law (LLB) aan de Ilah Abad University
1919/1337 legt in handen van Ala Hazrat Imaam Ahmad Reza Khan Bareilwie de gelofte van spirituele trouw af
1919/1338 eerste hadjreis
1922/1340 getroost gevangenneming tengevolge van strijd tegen anti-islamitische bewegingen
1923/1341 inspireert de bouw van de Djama Masdjid Hanafie Soennie in Colombo
1923/1442 bekeert de christenminister Mr. F. tot de islam
1924/1342 door de regering van Makka uitgenodigd voor deelname aan de Muslim Congres Jeruzalem
1924/1344 geboorte van zoon Mawlana Shah Ahmad Noorani Siddiqi, de huidige wereld soennie moeslim leider
1925/1344 tweede hadjreis
1927/1345 draagt bij tot de oprichting van de Jamiatul Muhammadiyya als tegenpool van de christen-qadianibeweging in Indonesia
1928/1346 voltooit studie over het boedhisme in Bangkok
1928/1346 legt het fundament van de Vereniging Hezboellah in Mauricius
1928/1347 bekeert gouverneur Marwat van Mauricius tot de islam
1929/1347 legt het fundament van de Muslim Missionaries in Ceylon
1929/1348 bekeert Professor Pater Canburry van de Colombo University in Ceylon tot de islam
1930/1349 introduceert de Green Pamflet Movement in Ceylon
1931/1350 introduceert het maandblad Real Islam in Singapore
1932/1351 richt de orde van de Qadiria Isha’at Islam op in Mauricius
1934/1353 introduceert het maandblad Star of Islam in Ceylon
1934/1353 richt te Durban in Zuid-Afrika de International Islamic Service Centre op
1935/1354 treedt met succes in debat met George Bernard, de beroemde filosoof van Zuid-Afrika
1936/1354 introduceert het maandblad The Genuine Islam in Singapore
1936/1354 legt het fundament van een weeshuis in Hong Kong
1937/1355 ontmoet Koning Ibn Saoed in Makka Al Mokarrama
1937/1355 legt het fundament van de bouw van de Sultan Moskee in Singapore
1938/1356 bekeert Mrs. Dunawa van Trinidad tot de islam
1938/1356 introduceert het maandblad Muslim Annual op Trinidad
1939/1357 richt de Muslim Unity Board op in Mauricius
1939/1357 richt de Moeslim Jeugd Welzijn Organisatie op in Mauricius
1939/1357 bekeert Prinses Gladis Paul Mark van Borneo tot de islam
1940/1358 ondersteunt met hart en ziel de Beweging tot Oprichting van de Pakistaanse Staat
1945/1363 vertolkt de gevoelens van de Indiase moeslims voor oprichting van de staat Pakistan in een ontmoeting met Jawaharlal Nehroe
1945/1363 derde hadjreis
1946/1364 laat Koning Abdul Aziz Bin Saoed de ongeoorloofde hadjbelasting opheffen
1946/1364 neemt succesvol deel aan de Al India Sunni Conference in Benares
1947/1365 leidt de eerste iednamaaz na de oprichting van Pakistan, waaraan ook Qaide Azam Muhammad Ali Jinnah deelnam
1948/1366 reist de wereld rond ter prediking van de islam
1949/1367 richt in Caïro de Interreligieuze Islamitische Organisatie op
1950/1368 bezoekt de Verenigde Staten van Amerika en bekeert in Chicago acht blanke christenen tot de islam
1950/1368 bezoekt Suriname via Trinidad en legt het fundament voor de oprichting van de Surinaamse Moeslim Associatie
1950/1368 introduceert het maandblad de Islamitische Wereld en Amerika in de V.S.A.
1950/1368 wijst vanuit Caïro Paus Paulus in een brief op diens dwaling
1951/1369 keert na een wereldreis van twee-en-een-half jaar terug naar Pakistan
1951/1370 spreekt in Arambagh te Karachi de Vereniging van Theologen in Pakistan toe
1952/1371 reist af naar Afrika ter prediking van de islam
1953/1373 vierde hadjreis
1954/1374 gaat op 23 zoelhadj te Madiena Monawwara heen van deze vergankelijke wereld na zijn bijzondere plicht jegens de islam naar behoren te hebben vervuld en wordt in Djannatoel Baqie in de nabijheid van de Groene Tombe begraven.
Nawoord
De Grote Misionaris heeft het islamitische missiewerk in vele landen van alle werelddelen volbracht. Hij heeft de goddelijke boodschap aan vele volkeren in diverse Aziatische, Afrikaanse en Europese talen overgebarcht.
Moge Allah Ta Ala zijn ziel de eeuwige rust schenken en hem belonen in het hiernamaals voor zijn bijzondere moeite en inzet voor het welzijn van de islam.
Moge Allah Ta Ala zijn waardige zoon en opvolger, Hoezoer Qaide Ahle Soenna, Hazrat Allama Mawlana Hafiz Qari Shah Ahmad Noorani Siddiqi Qadri zegenen en de nodige kracht en ondersteuning schenken, die op zeer hoge leeftijd nog steeds de voetsporen van de Grote Missionaris volgt en de wereld afreist voor prediking van de islam.
Moge deze grote ahle soenna leider ook de Surinaamse moeslims wederom met een bezoek vereren. Aamien.
Wa sallallaahoe ta ala alaa gairi galqihie say’yidinaa wa mawlana moehammadinw wa alaa aalihie wa as’haabihie adjma’ien. Birah’matika jaa ar’hamar’raahimien.